Selecteer een pagina


 

 

 

 

P. Schweinhart, K.M.Sauro en M.C. Bushell onderzochten in het centrum voor pijnonderzoek van de McGill University in de Verenigde Staten ( met fibromyalgie. Zij vonden daarbij het bewijs dat bij mensen met fibromyalgie sprake is van veranderingen in de anatomie, de fysiologie en chemische processen in het centrale zenuwstelsel (CZS), die bijdragen aan de symptomen van deze patiënten. Er is substantieel psychofysisch bewijs dat mensen met fibromyalgie pijn en andere stimuli anders ervaren dan gezonde mensen en dat de normale pijnervaringen gestoord zijn. Functioneel ‘brain imaging’ onderzoek dat verhoogde pijngerelateerde activiteit laat zien ondersteunen de door de patiënt gerapporteerde toename van pijn. Onderzoek naar neurotransmitters tonen aan dat mensen met fibromyalgie afwijkingen hebben in dopamine, opioïde en seretonine. Onderzoek naar de anatomie van de hersenen tonen structurele verschillen tussen de hersenen van mensen met fibromyalgie en gezonde mensen. De frequente comorbiditeit van fibromyalgie met stressgerelateerde aandoeningen zoals chronische vermoeidheid, posttraumatisch stresssyndroom, prikkelbare darmsyndroom en depressie, evenals de overeenkomsten van veel afwijkingen in het CZS suggereert op z’n minst een gedeeltelijk gezamenlijk substraat van de aandoeningen. Ondanks de vele cerebrale veranderingen zou fibromyalgie geen primaire hersenstoornis kunnen zijn, maar een gevolg van vroegere ernstige en langdurige stress, die het regulatiesysteem van de hersenen voor pijn en emoties beïnvloedt bij genetisch daarvoor gevoelige individuen.

(Onderzoek gesloten.)

Bron: PubMed

Share This